Paragraaf

Grondbeleid

Actuele ontwikkelingen

Actualisatie beleidskaders

Momenteel worden de Nota Grondprijsbeleid, Nota Grond- en Vastgoedbeleid en de Werkwijzer strategische verwervingen geactualiseerd. Deze zullen in 2027 ter besluitvorming worden voorgelegd.

Actualisatie Nota Grondprijsbeleid

De Nota Grondprijsbeleid is in juni 2022 voor het laatst geactualiseerd. Het is wenselijk om deze vierjaarlijks te actualiseren, waarmee deze voor 2026 op de planning is verschenen. In de nota wordt vastgelegd op welke manier de gemeente haar grondprijzen bepaalt.

Actualisatie Nota Grond- en Vastgoedbeleid

De Nota Grond- en Vastgoedbeleid is in 2021 vastgesteld door uw Raad. De hoofdlijn van situationeel grondbeleid met de afweging op urgentie, potentie en eigendom is een goed werkend kader gebleken. We constateren echter dat de handvatten voor de maatschappelijke afweging nog een verbeterslag verdienen, en er een versterking op de inzet van actieve grondbeleidsinstrumenten wordt gevraagd. In 2026 en 2027 wordt daarom gewerkt aan een actualisatie van de Nota Grond- en Vastgoedbeleid.

Actualisatie Werkwijzer strategische verwervingen

Met situationeel grondbeleid wordt in de laatste jaren vaker gekozen voor een actievere rol op de grondmarkt. Voor verschillende projecten, maar ook voor de uitvoering van diverse beleidsdoelen (maatschappelijke doeleinden, binnenstedelijke vergroening, etc.) worden panden en gronden aangekocht. In dat kader heeft de gemeenteraad op 6 april 2023 de Werkwijzer strategische verwervingeng vastgesteld. De Werkwijzer beschrijft voor de verschillende soorten strategische verwervingen een aanpak en verantwoording (financieel en aan de raad). De strategische aankopen zijn onderverdeeld in drie categorieën. In de praktijk is gebleken dat de Werkwijzer niet alle vormen van gewenste aankopen afdekt, en dat het wenselijk is om voor álle aankopen van vastgoed en grond hetzelfde proces te doorlopen. Als eerste stap is hiervoor in 2025 het aankoopproces aangescherpt en een checklist voor de te doorlopen stappen opgesteld. In 2026 zal worden gewerkt aan een actualisatie van de Werkwijzer.  

Toevoegen (her-)ontwikkelingsopgaven (projecten) aan het grondbedrijf

De in 2022 vastgestelde Omgevingsvisie gaat uit van een verdere groei van Apeldoorn. Dit vraagt om toevoeging van woningen, werklocaties en andere ruimtelijke voorzieningen. Omdat veel locaties niet in gemeentelijk eigendom zijn, wordt per ontwikkeling bepaald welke gemeentelijke regie- en productierol passend is. Dit leidt tot nieuwe actieve ontwikkelingsopgaven voor het grondbedrijf.

Met de opening van de grondexploitatie voor de eerste fase van de Zuidrand is in 2025 een belangrijke nieuwe woningbouwontwikkeling gestart. Daarnaast wordt verder gewerkt aan onder meer de Prinses Beatrixlaan, het Amaliakwartier, Kanaalzone Noord en de voormalige camping De Marshoeve. Ook worden de ontwikkelingen van Ecofactorij II en Kieveen voortgezet. Deze projecten bevinden zich in verschillende fasen van voorbereiding en uitvoering.

Voor een bedrijventerrein in Uddel wordt de haalbaarheid nader uitgewerkt. Daarbij worden onder andere de lokale behoefte, ruimtelijke inpassing, verwerving en financiële uitvoerbaarheid betrokken. Voor Malkenschoten en De Haere wordt verder gewerkt aan standplaatsen voor woonwagens. Daarnaast kunnen zich kleinere, locatiegerichte herontwikkelingsopgaven voordoen wanneer kansen ontstaan om bestaande functies te beëindigen, te verplaatsen of te transformeren.

Deze ontwikkelingen bevinden zich deels nog in een verkennende fase. Opname als concrete grondbedrijfopgave vindt pas plaats nadat de haalbaarheid, dekking, risico’s en gemeentelijke rol voldoende in beeld zijn gebracht en de vereiste besluitvorming heeft plaatsgevonden.

Overige ontwikkelingen

Financiële haalbaarheid en uitvoerbaarheid

De financiële haalbaarheid van gebiedsontwikkelingen blijft onder druk staan. Hoge verwervings- en inbrengwaarden, het kostenniveau, ambities en kwaliteitseisen op het gebied van natuur en duurzaamheid, en financieringslasten maken publieke en private businesscases kwetsbaar. Deze situatie is (weer) bijzonder volatiel geworden door de geopolitieke ontwikkelingen. Hoewel op onderdelen sprake is van stabilisatie en stijgende grondopbrengsten, blijft zorgvuldige sturing op programma, fasering en kosten noodzakelijk. Subsidies kunnen de haalbaarheid verbeteren, maar brengen ook voorwaarden, cofinanciering en termijnen met zich mee. Deze effecten worden betrokken bij de besluitvorming en de periodieke risicoanalyses.

Stikstof en netcongestie

Stikstof blijft een belangrijke onzekerheid, in het bijzonder voor ontwikkelingen nabij de Veluwe. Het kabinet heeft in juni 2026 een nieuw maatregelenpakket gepresenteerd dat op termijn ruimte moet bieden voor natuurherstel en vergunningverlening. Ook de provincie heeft haar aanpak verder uitgewerkt. De wettelijke verankering, uitvoerbaarheid en gevolgen voor afzonderlijke projecten moeten echter nog verder worden uitgewerkt. Zolang hierover onvoldoende zekerheid bestaat, geeft het voorgestelde beleid geen aanleiding om de uitgangspunten voor projecten te versoepelen.

Ook netcongestie kan leiden tot vertraging en fasering van ontwikkelingen. Woningbouw is in het nieuwe prioriteringskader aangemerkt als maatschappelijke basisbehoefte, maar voorrang biedt geen garantie op tijdige aansluiting. Daarom wordt per project vroegtijdig afgestemd met de netbeheerder en worden waar mogelijk netbewuste energieconcepten en alternatieve faseringen onderzocht. Stikstof en netcongestie worden binnen het grondbedrijf inmiddels als projectspecifieke risico’s beheerst.

Rijksbeleid en financiële ondersteuning

Rijks- en provinciale bijdragen blijven belangrijk voor het financieel uitvoerbaar maken van gebiedsontwikkelingen. De Realisatiestimulans voorziet in een bijdrage van € 7.000 per betaalbare woning waarvan de bouw start in de periode 2025 tot en met 2029. Een uitzondering hierop vormen de woningen waarvoor al eerder een bijdrage uit de WoningbouwImpuls is ontvangen. Daarnaast is de Binnenstad, Spoorzone en Kanaalzone aangewezen als een van de nationaal grootschalige woningbouwgebieden, waardoor extra samenwerking met het Rijk en aanvullende financiering voor gebieds- en bereikbaarheidsmaatregelen mogelijk is. Voor locaties buiten de grootschalige woningbouwlocaties heeft het Rijk ook in de komende jaren nog gelden gereserveerd voor woningbouw en mobiliteit. Als de kans zich voordoet, zal de gemeente hier ook aanvragen voor indienen.

Ook de modernisering van het landelijke grondbeleidsinstrumentarium wordt gevolgd. Een eerste concrete aanpassing hierop is het verlengen van de termijnen voor het voorkeursrecht. Bij nieuw te vestigen voorkeursrechten heeft de gemeente hierdoor meer tijd om de plannen uit te werken. Overige voorstellen zoals een gewijzigde waardering van inbrengwaarden of andere aanpassingen in het kostenverhaal zijn nog niet besloten en/of vertaald in concrete wet- en regelgeving.

 

 

 

Deze pagina is gebouwd op 10/05/2026 17:18:27 met de export van 10/05/2026 17:02:33